Knielbank
Op 8 februari was ik voorganger van de half tien-dienst, waarin afscheid genomen zou worden van drie diakenen en Ineke Windgassen als nieuwe diaken zou worden bevestigd. Alle voorbereidingen voor deze dienst waren gebeurd en ik liep vroeg naar de kerk om de laatste puntjes op de i te zetten.
Aan het puntje ‘knielbank’ was ik nog niet toegekomen – die trek je gewoon tevoorschijn, dacht ik – toen echtvriendin Tiny Open Hof binnenwandelde en met haar quick scan –blik constateerde dat de knielbank er nog niet stond. Vervolgens bleek de koster zich er niet van bewust dat we dit meubel nodig zouden hebben en kreeg ik te horen dat de knielbank zich in een kast ver achter het orgel bevond – maar helaas ‘tot in detail’ gedemonteerd! In vergaande staat van ontbinding, zou ik bijna zeggen. Die krijg je nooit op tijd in elkaar, klonk het vastberaden van de kant van de koster.
Gelukkig lieten anderen optimistischer geluiden horen en de nodige handen gingen snel uit de mouwen. Precies op tijd kregen zij het voor elkaar dit onderdeel van het liturgisch meubilair naar behoren ‘knielbaar’ te krijgen en de knielbank deed geheel volgens verwachting dienst.
Ik dacht ik schrijf wel even een stukje in Open Hof Nieuws. Natuurlijk heeft het gedemonteerd wegbergen van de knielbank, die bepaald niet elke zondag nodig is, in verband met de beperkte ruimte zin. Aan de andere kant voelde dit incidentje ‘achter de schermen’ van de kerkdienst voor mij óók even aan als een symbolische leegte: alsof het demonteren en wegbergen van de bank, waarop nieuwe ambtsdragers knielend hun taak in de gemeente aanvaarden, verwijst naar een soort treurige stilstand in deze kerkelijke gemeente. Alsof het daarna vast niet lang meer zal duren voor ‘de laatste het licht uitdoet’.
Maar zo is het natuurlijk niet. Nee toch?!
Guus Koelman
